|
Between Wood and Words
Veel meer dan een schilderij of een tekening confronteert een beeld de beschouwer met zichzelf. De uitgesproken aanwezigheid van het beeld in de ruimte en de herinnering aan de menselijke gestalte, al is die nog zo ver weg, maken het beeld haast onontkoombaar. Luc Huijbregts benut deze eigenschap van de sculptuur in steeds sterkere mate.
Zijn werk toont een grote samenhang en laat tevens een duidelijke ontwikkeling zien. Zijn ideeën krijgen het best vorm in hout. In het bijzonder het lichte en zachte lindenhout, waarvan hij de mogelijkheden de laatste jaren diepgaand heeft onderzocht en waarvoor hij een geheel eigen techniek ontwikkelde om zijn vormen te realiseren.
De beelden van Huijbregts ontstaan niet als massa, als volume, maar als contour. De tevoren in schetsen en vormstudies als ontstane omtreklijn is van overwegend belang. Zij bepaaalt het ritme, het evenwicht en de harmonie van het beeld, dat daarna in een bewerkelijk en langdurig proces zijn uiteindelijke vorm vindt.
Het werk begint al als Huijbregts zorgvuldig zijn bomen kiest bij de rooierij. De boomstam wordt overlangs in planken van gelijke dikte gezaagd waarna het hout tenminste twee jaar moet drogen. Pas dan worden de planken op elkaar gelijmd tot het gewenste volume is bereikt. Dit alles om te voorkomen dat de beelden later gaan splijten.
Met de beitel bewerkt hij dan het ruwe hout tot de eerder bepaalde vorm tevoorschijn komt, om deze dan in zijn ruimtelijkheid te vervolmaken. Het oppervlak van het beeld voorziet hij met verschillende gutsen van fijne lijnen die de golvingen van de omtrek volgen en benadrukken. Dit geeft de huid een bijzondere structuur die zowel uitnodigd tot aanraken als maant tot het bewaren van afstand.
Huijbregts schildert zijn beelden in een betekenisvolle kleur. Laag over laag brengt hij verf aan: grondverf, acrylaatlakken en was vermengd met pigmenten. Net zolang totdat een diepe en rijke uitstraling is bereikt. De kleuren zinnebeelden van zeer algemene begrippen. Zwart staat voor de afwezigheid van licht, voor het onderaardse en het duistere. Goud verwijst naar het hogere, de kosmos, en groen is het aardse. Blauw staat traditioneel voor afstand en rood voor emoties en hartstochten.
Het vroege wek van Huijbregts concentreerde zich op de natuurlijke processen van het waterlandschap zoals stroming en groei. Er ontstonden enkele beelden die leken op gestold water zoals Kolk (1985) maar ook visvormen zoals Dienaar der Aarde (1986)
Rond 1987 werden de beelden antropomorf. Menselijke gedaanten zijn herkenbaar in Fontein voor Narcissus, evenals in het dieprode beeld Questo paradiso. In beide beelden zijn twee figuren zichtbaar waarbij de verticaliteit van het eerste de gestalten een monumentale, haast arrogante, statigheid geeft, terwijl in het tweede beeld een pas-de-deux lijkt te worden opgevoerd. Met de mendvormen lijkt het werk van Huijbregts sterker autobiografisch te worden. Niet langer geeft hij een observatie van natuurlijke processen vorm, maar streeft hij naar een verbeelding van intens beleefde persoonlijke ervaringen. Steeds meer ontdoet hij zijn beelden van toevalligheden om zo te komen tot de essentie van zowel vorm als van de gebeurtenis die er aan vooraf ging. Zo is in het beeld Solesmes (1989) de figuur nog herkenbaar maar tevens gerduceerd tot het wezenlijke en roept zo een intense ingetogenheid op. Voor de Wet dat in hetzelfde jaar ontstond, is een dialoog tussen twee vormen: de zuil en de cirkel. In innige verbondenheid vormen ze een eenheid, zoals dat de mens slechts gegeven was in het verloren gegane paradijs. Een nieuw aspect in het werk van Huijbregts valt op in Princess of Little Italy. Het is een herhaling van gelijke vormen, de stapeling. De zuil, archetype van de menselijke gestalte maar hier ook als een gezicht te lezen, herhaalt zich in de hoogte.
De beelden van Huijbregts sluiten aan bij de traditionele beeldhouwkunst. Ze zijn gehakt, of beter gezegd gesneden, uit een natuurlijk materiaal, het hout, waarvan het oppervlak met zorg is bewerkt en waarin de schoonheid van de vorm opnieuw wordt toegelaten. Tegelijkertijd zijn het getuigenissen van eigen ervaringen die teruggebracht zijn tot hun essentie en zo een algemene geldigheid krijgen.
Tjeu Teeuwen
Eindhoven
|